Traditionele Weense appelstrudel van filo - & strudeldeeg zoals je hem eet in een Oostenrijks restaurant of berghut. De knapperige filodeegvellen passen perfect bij de zachte zoete vulling. Een recept met een historische bakgeschiedenis.
900 g appels, geschild, ontpit en in fijne plakjes gesneden
1 -2 el citroensap
50 g rozijnen
2 el Rum
70 g boter
50 g paneermeel
50 g fijne kristalsuiker
50 g walnoten, geraspt
1 tl kaneel
Een beetje boter om te bestrijken, gesmolten
Bereiding Oven
In de bakmodus krijg je een geoptimaliseerd beeld van de bereiding en schakelt je scherm niet over naar de slaapstand.
Stap 1
Appel met citroensap mengen en de rozijnen in de rum laten weken.
Stap 2
Oven op 200° C boven-/onderwarmte voorverwarmen en het deeg volgens de instructie op de verpakking voorbereiden.
Stap 3
Paneermeel in boter licht bakken en daarna met de rozijnen, rum, walnotenrasp en kaneel mengen en als laatste de appel er doorheen scheppen.
Stap 4
Leg 1 vel deeg op een vochtige theedoek, met boter insmeren en het tweede vel er 90 graden gedraaid overheen leggen.
Stap 5
De helft van de vulling over de onderste 1/3de van het deeg verdelen, daarbij 3 cm tot aan de rand links en recht vrij houden. Zijkanten over het deeg heen slaan en bestrijken met boter en met behulp van de theedoek de strudel oprollen. De andere 2 deegvellen op dezelfde manier verwerken.
Stap 6
Appelstrudel in het midden van de oven in 25 - 30 min. goudbruin bakken.